Herinnering

22 mei 2019

Categorie: default - Reageer

Herinnering

 

We kennen ze wel, de herinneringen! Ze zijn voer voor discussie: “Neen, zo was het niet” of “ja, zo was het wel”. Soms maken we het er ons gemakkelijk van af: “Ik herinner mij hier niets van”, soms zijn we ongeloofwaardig zeker van onze herinnering: “Ik zweer, zo was het”. In ieder geval, herinneringen zijn minder zeker dan we ons en elkaar voorhouden!

De leerlingen van Jezus zullen zijn Blijde Boodschap moeten verkondigen. Zij delen in de zending die Christus van zijn Vader heeft ontvangen: “Gaat en verkondigt de Blijde Boodschap en maak alle mensen tot mijn leerlingen”. Niet eenvoudig, zeker niet als ze het met de herinneringen moeten doen aan wat Jezus gezegd en gedaan heeft. Tijdens zijn leven hebben ze er al niet veel van begrepen, wat gaan ze er van maken als Hij terug naar de Vader gaat?

Daarom ontvangen ze de Heilige Geest “die u alles zal leren en u alles in herinnering zal brengen wat Ik u gezegd heb”. Leren en in herinnering brengen wat van de Vader komt opdat de mensen de boodschap zouden ontvangen uit de eerste hand en niet gekleurd en besmeurd door ‘eigen herinneringen’. De verkondiging van de Blijde Boodschap is immers in de eerste plaats een zaak van God zelf en ze is kostbaar. Daarom zond Hij zijn Zoon opdat zijn woord zuiver zou klinken, daarom ook vervult Hij de leerlingen met zijn Geest.

Zonder de Heilige Geest zouden de leerlingen niet kunnen verkondigen zoals Jezus dat deed. Het moet met dezelfde kracht en overtuiging gebeuren. De woorden zijn woorden van leven, eeuwig leven en dus moeten ze ook zo klinken. Het gaat niet om het verkondigen van een vage herinnering aan wie Jezus was, het gaat om een actuele verkondiging van wie Jezus is. Hij verkondigt, niet de leerlingen!

In het evangelie lezen we herhaaldelijk dat de toehoorders van Jezus ‘buiten zichzelf zijn van verbazing’, dat ze ‘nog nooit zo hebben horen spreken’. De stem van Jezus is waarachtig en geloofwaardig. Eenzelfde reactie lezen wij in de Handelingen van de apostelen. Ook zij oogsten bijval en verwondering door het woord dat zij spreken.

Zo mogen wij, vervuld van diezelfde Geest de Blijde Boodschap verkondigen. Niet als een woord van lang geleden, niet als een historische boodschap, niet als een verwaterde versie van de feiten van toen, maar als een actualiserend woord van God dat even krachtig als toen klinkt en doorklinkt in het leven van wie het hoort.

Laten wij in deze tijd voor pinksteren innig en aandringend bidden opdat de Geest van ons doopsel en vormsel ons mag vervullen met Blijde Boodschap.

Reageer

velden gemarkeerd met een sterretje zijn verplicht.

wordt niet getoond