Hij is verrezen en wij met Hem!

17 april 2019

Categorie: default - Reageer

Hij is verrezen en wij met Hem!

Zalig Pasen aan alle mensen van goede wil en ook aan hen die van slechte wil zijn. Want Christus heeft op het kruis alle slechte wil gebroken. Hij is gestorven voor de verzoening van goeden en slechten. Hij heeft de oude mens gebroken, begraven voorgoed en de nieuwe mens is opgestaan en wij met Hem.

In de paasnacht hernieuwen wij onze doopbeloften, worden we besprenkeld met het nieuwe doopwater, dragen wij het licht van de verrezen Heer hoog en bekennen wij ons opnieuw in onze nieuwe identiteit: christen. Pasen is het hoogtepunt van het liturgisch jaar omdat het hoogtepunt vormt van wie wij zijn als christen: verrijzenismensen.

Dit dringt moeizaam door in onze tijd en in alle tijden is deze waarheid over ons leven het moeilijkst om te geloven, te aanvaarden en ervan te leven. Wij hechten ons immers zo gemakkelijk aan de oude mens, de Adam, de eindige, sterfelijke en zondige mens omdat we die het beste kennen, wij herkennen hem het gemakkelijkst in onszelf en in vele anderen. Daarin geloven is geen moeite, we weten het, we kennen hem. Maar dit zijn wij niet meer sedert ons doopsel! Wij hebben die oude mens begraven en zijn opgestaan als de nieuwe mens, de christusmens. Christenen zijn al eens gestorven, ze werden in de oude mens begraven, drie dagen in het graf zoals Christus, driemaal door het doopwater om de oude mens te vernietigen. In ons doopsel en in de hernieuwing van onze doopbeloften met Pasen, vieren wij dat wij uit de dood zijn opgestaan tot het eeuwig leven. Wij sterven dus niet meer. We kennen nog wel de menselijke dood, dat is zeker, maar ze heeft geen vat meer op ons want we hebben het eeuwige leven ontvangen. We zijn met Christus, de eerste die uit de doden is opgestaan, mee opgestaan uit het graf. De dood heeft dus geen vat meer over ons leven. ‘Dood waar is uw angel?’ vraagt de apostel Paulus zich af, levend vanuit de nieuwe schepping die hij heeft ontvangen.

De vreugde van Pasen, is de vreugde om dat nieuwe leven dat wij hebben ontvangen en dat wij opnieuw gedenken als wij de verrijzenis van Christus vieren en dus ook de onze. Die verrijzenis in ons hebben wij al ontvangen in ons doopsel en ze zal ons niet ontnomen worden, het hangt immers niet af van onszelf, maar van Gods genade. Hij heeft zijn Zoon uit het graf opgewekt en ons met Hem.

Leven van die vreugde, leven van die nieuwe schepping, ‘voorgoed gevrijwaard van de dood’, zoals het eucharistisch gebed bidt, is leven van de genade. Het is een zaligheid waarvan wij met ons leven liefdevol getuigen. Dat vraagt een voortdurende bekering en daarmee zijn we veertig dagen bezig geweest. Het vraagt om meer geloof in de belofte die God ons heeft toegezegd, het vraagt om meer gebed om die belofte te kunnen omhelzen, het vraagt om meer liefde voor de naaste want uit onze liefde voor elkaar zal blijken dat wij nieuwe mensen zijn. Mensen die het nooit opgeven, niet met zichzelf, niet met elkaar. Mensen die hoop wekken omdat zij hoop zijn, mensen die geloof wekken omdat ze gelovig zijn, mensen die liefde wekken omdat ze lief zijn.

Zoals de veertigdagentijd ons heeft voorbereid om ons af te keren van de oude mensen en ons te bekeren tot de nieuwe mens; zo geeft de paastijd ons de tijd om het nieuwe leven te ontvangen en ervan te leven, blij en vrij.

Zalig Pasen!

 

Reageer

velden gemarkeerd met een sterretje zijn verplicht.

wordt niet getoond