Oratorianen

Oratorium in oprichting

 

 

Kennismaking

Heilige Filippus Neri

 

Filippus Neri werd op 21 juli 1515 in Firenze geboren. Na enkele omzwervingen komt hij in 1534 aan in Rome. Als een blijmoedige jongeman gaat hij op zoek om zijn weg te vinden. Daarbij wordt hij geleid door zijn geloof en zijn liefde voor de Heer Jezus Christus en de concrete beleving daarvan in de fijngevoelige aandacht en zorg voor zijn medemens in nood. Wie in geestelijke of in lichamelijke nood was, vond bij de jonge Filippus een luisterend oor, een helpende hand en steeds een liefhebbend hart. Voor hem was dit de beleving van de genade van zijn doopsel en dat was hem aanvankelijk ook genoeg. Zijn persoonlijkheid was aantrekkelijk en al vlug verzamelde zich rond hem een aantal jongeren die, zoals hij, verlangden om als blije christenen te leven.

Onder druk van zijn biechtvader werd hij op 23 mei 1551 priester gewijd. Hij werd lid van de priestergemeenschap van San Girolamo en daarin vond hij de ruimte om zijn apostolaat verder te zetten. Tot het hart van zijn inzet behoorde de haast spontaan gegroeide bijeenkomsten met jongeren bij hem thuis. Deze bijeenkomsten waren heel eenvoudig: gebed in stilte en samen, luisteren en delen rond het Woord van de Heer of aan de hand van een of ander geestelijk werk. De ‘kleine’ kern werd groter en werkte als gist in het deeg. Massale plegrimstochten naar de zeven kerken in Rome werden de volkse uitdrukking van wat in de binnenkamer aan geloof, hoop en liefde werd gedeeld.

Filippus was wars van grote organisatie en systemen, maar toen zijn gezondheidstoestand minder werd, groeide bij zijn ‘volgelingen’ het verlangen om ook kerkelijke erkenning te ontvangen voor hun wijze van samenleven. Op 15 juli 1575 richtte Paus Gregorius XIII de ‘gemeenschap van seculiere priesters’ gevormd rond Filippus Neri op. Filippus stond niet toe dat het een religieuze gemeenschap zou worden met leden die gebonden zijn door geloftes. De vrijheid van ieder lid diende bewaard te blijven en de enige regel moest de ‘carità’, de wederzijdse liefde, zijn. Het was de liefde die zijn hart als jongeling vurig maakte, het is in diezelfde liefde dat het oratorium van Filippus Neri werd geboren en zo is het nog steeds. 

‘Van hart tot hart’

De bekendste oratoriaan is de heilige John Henry Newman. Ook hij werd verleid door de aantrekkelijkheid van het leven als oratoriaan en in de 19de eeuw richtte hij het oratorium op van Birmingham, het eerste in Engeland. Van hem komt de uitspraak ‘Cor ad cor loquitur’, van hart tot hart om de spiritualiteit van de H. Filippus Neri uit te drukken.

Inderdaad, de spiritualiteit van het oratorium wordt gekenmerkt door de eenvoud en de kracht van het hartelijke zoals het in het leven van Filippus Neri vorm heeft gekregen. Het geloof beleefde hij als een liefdesavontuur dat zijn hele leven doordrong. Er volgde een levensstijl uit die gekenmerkt was door vreugde, vertrouwen, sereniteit en een gezond optimisme. Zo wist hij God heel nabij in gebed en sacrament, maar was hij ook mensen nabij. Die eenvoud van de hartelijke liefde is het hoofdkenmerk van de gemeenschappen die uit zijn voorbeeld zijn ontstaan: de oratoria.

Dichter bij huis, is het de eerste pastoor van Scherpenheuvel, Joost Bouckaert die in 1624 als eerste in ons land het oratorium van de H. Filippus Neri in Scherpenheuvel oprichtte. Bouckaert zag hierin, samen met aartsbisschop Hovius en de aartshertogen Albrecht en Isabella, de goede formule om de bedevaarders op te vangen zowel pastoraal als materieel. Bovendien was het een antwoord op de situatie van de problemen met de clerus in die periode en een invulling van de vernieuwingen die het Concilie van Trente hieromtrent voorstelde. In Scherpenheuvel werd een opleiding georganiseerd met medewerking van professoren van de Leuvense universiteit, op hun beurt organiseerden de oratorianen een opleiding, een school voor de bevolking. Onder Bouckaert kende het oratorium grote bloei en werd door de bisschoppen beroep op hen gedaan voor het oprichten van het – nog steeds bestaande – Onze-Lieve-Vrouwecollege te Oostende en de organisatie van het bedevaartsoord van Kevelaer. Onder het Franse bewind werden de oratorianen uitgedreven en weggevoerd. Vier stierven in ontbering in Guyana. Hun klooster te Scherpenheuvel werd, op het poortgebouw na, afgebroken. Een overlevende oratoriaan werd na de Revolutie pastoor van Scherpenheuvel, maar het oratorium werd niet meer opgebouwd. 

En nu? 

Het verlangen om het oratorium van Scherpenheuvel opnieuw op te richten, leefde al langer in ons hart. De tentoonstelling en conferentie in 2006: ‘Niet toevallig oratorianen in Scherpenheuvel’ was een eerste aanzet. Bemoedigd door gezaghebbende personen in de Kerk en nog meer door het gebed werd in 2012 de eerste ‘officiële’ stap gezet. Met de steun van de toenmalige aartsbisschop Mgr. André-Jozef Léonard en de generale procurator van de Oratorianen in Rome, werd stap voor stap gewerkt aan de oprichting van het oratorium van Scherpenheuvel. Ook de huidige aartsbisschop, Mgr. Jozef De Kesel en zijn hulpbisschoppen zijn dit project genegen en willen het ten volle steunen. Ondertussen zijn we met z’n drieën om het oratorium op te richten. Geduldig en vertrouwvol bouwen we verder. We vertrouwen ons verlangen toe aan Onze-Lieve-Vrouw van Scherpenheuvel en aan de heilige Filippus Neri. Dit doen we onder meer door iedere zondag in de basiliek om 17u de vespers te zingen, samen met de aanwezige gelovigen en in verbondenheid met de hele kerkgemeenschap. Want de liefde voor de Kerk is een voorwaarde om oratoriaan te worden, maar ook de vreugde waartoe het evangelie ons roept en zendt. Om het met de apostel Paulus te zeggen: ‘Verblijd u in de Heer ten allen tijde, nogmaals: verblijd u. Uw vriendelijkheid moet bij allen bekend zijn’ (Fil. 4, 4-5). Filippus Neri wordt niet voor niets de ‘vrolijke heilige’ genoemd en zijn oratorium: ‘Huis van blijdschap’!

 

Wie interesse heeft kan terecht bij pastoor Luc Van Hilst

 

Scherpenheuvel praktisch