Blog

Geschreven op 1 mei 2019

‘Vrienden, hebben jullie soms wat vis?’

Categorie: default

De wonderbare visvangst wordt bij het evangelie volgens Lucas verbonden met de roeping van de leerlingen aan het begin van het evangelie. Op de derde paaszondag krijgen wij de wonderbare visvangst in het evangelie volgens Johannes en dat is na de verrijzenis van Christus. de leerlingen zijn terug naar af. Petrus gaat terug naar zijn netten, om vis te vangen, geen mensen. Het verhaal met Jezus dat met hun roeping en het verlaten van de netten begon, lijkt voorbij. Opnieuw wordt er niets gevangen, niet één vis die de Heer hen vraagt. Maar op zijn woord vangen ze overvloed aan vissen. Johannes, de door Jezus beminde leerling, is de eerste om Hem te herkennen: ‘Het is de Heer!’.

 

Lees meer

Geschreven op 24 april 2019

Barmhartigheid?

Categorie: default

In 2000 riep de toenmalige paus Johannes Paulus II de zondag na Pasen uit tot zondag van de Goddelijke Barmhartigheid. De reden waarom dit precies op de zondag na Pasen valt, is niet ver te zoeken. In het evangelie van die zondag horen wij Jezus de apostelen zenden met de woorden: “Zoals de Vader Mij gezonden heeft, zo zend Ik u. Na deze woorden blies Hij over hen en zei: Ontvangt de heilige Geest. Als gij iemand zonden vergeeft, dan zijn ze vergeven, en als gij ze niet vergeeft, zijn ze niet vergeven.”

Lees meer

Geschreven op 17 april 2019

Hij is verrezen en wij met Hem!

Categorie: default

Zalig Pasen aan alle mensen van goede wil en ook aan hen die van slechte wil zijn. Want Christus heeft op het kruis alle slechte wil gebroken. Hij is gestorven voor de verzoening van goeden en slechten. Hij heeft de oude mens gebroken, begraven voorgoed en de nieuwe mens is opgestaan en wij met Hem.

In de paasnacht hernieuwen wij onze doopbeloften, worden we besprenkeld met het nieuwe doopwater, dragen wij het licht van de verrezen Heer hoog en bekennen wij ons opnieuw in onze nieuwe identiteit: christen. Pasen is het hoogtepunt van het liturgisch jaar omdat het hoogtepunt vormt van wie wij zijn als christen: verrijzenismensen.

Lees meer

Geschreven op 10 april 2019

Heden Hosanna, morgen weg met Hem!

Categorie: default

Het lied dat we met palmzondag zingen eindigt met een kille uitroep: ‘Heden Hosanna, morgen weg met Hem!’. We zingen het allemaal mee, maar het blijft een ontstellende uitroep. Zo was het inderdaad na de blijde intocht van Christus in Jeruzalem, volgde zijn lijden en kruisdood die begeleid werd met het aanzwellende koor: kruisig Hem, weg met Hem! Haast iedereen zong mee toen, ook de Hosanna-roepers van enkele dagen voordien. En dit terwijl Jezus zijn liefde voor iedereen tot het uiterste toe toont, woordeloos, zonder verdediging, zonder geroep en geruzie.

Hoe is het vandaag? Wij zullen met velen Hosanna zingen met Palmzondag want velen verlangen naar het gewijde palmtakje, maar verlangen we ook naar diegene die wij met dit palmtakje begroeten als Koning, Redder en Verlosser? Zullen we Jezus alleen laten in de dagen die we de Goede Week noemen, zoals de leerlingen Hem alleen hebben gelaten onder het kruis? Met Witte Donderdag, Goede Vrijdag en Stille Zaterdag zijn het niet de grote massa’s die mee komen vieren, waken, bidden, danken in stilte en in lied. Dan zijn het de trouwe vrouwen en de Johannessen die nog komen…

De liturgie van de Goede Week laat het goed zien. Het getwist van de leerlingen, het verraad, het verlaten van Jezus, het slapen als er gewaakt moet worden... en Jezus die haast niets zegt. In de eerste lezingen horen we de liederen van de Lijdende Dienaar zoals ze uit de mond van de profeet Jesaja klinken. Het zijn de liederen van Jezus die zijn leven aanbiedt aan wie Hem slagen, de baard uittrekken… Ze klinken op de achtergrond als een aanklacht die de bekende taferelen begeleiden. De liturgie is in de Goede Week op haar sterkst, op haar mooist ook. Ze nodigt ons uit om de schoonheid van Jezus leven, lijden, sterven en verrijzen voor ons te zien, te ontvangen. Doe we mee of zal het ook in ons leven klinken, ongenadig, ondankbaar hard: ‘Weg met Hem’?

Geschreven op 3 april 2019

Reiken naar wat voor ons ligt!

Categorie: default

In de tweede lezing van de vijfde zondag in de veertigdagentijd horen wij hoe Paulus zich helemaal verlaat op Christus. Hem kennen, liefhebben, navolgen is alles en al de rest betekent niets. Maar Paulus is ook realistisch over zijn eigen leven en streven: ‘Niet dat ik het al bereikt heb. ik ben nog niet volmaakt. Maar ik streef er vurig naar het te grijpen, gegrepen als ik ben door Christus Jezus.’ In dat verlangen zegt hij: ‘Ik vergeet wat achter me ligt, ik reik naar wat voor me ligt.’

 

Lees meer

Geschreven op 27 maart 2019

Er moet feest en vrolijkheid zijn!

Categorie: default

De veertigdagentijd wordt overspoeld met de vrolijkheid van carnavalstoeten met hun uitbundigheid aan geluid en beeld. De liturgie kent ook uitbudnigheid, die van Gods barmhartigheid die ons in Christus gul wordt toebedeeld. De ingetogenheid van de vieringen staat in contrast met de vrolijkheid van de lezingen die we zondag aan zondag ontvangen en met de lezingen het verlangen van God naar ieder van ons. Dat is verre van ingetogen! Letterlijk horen wij in de parabel van de verloren zoon die terugkomt: ‘Er moet feet en vrolijkheid zijn!’ En er is feest en wat voor één: alles wordt bijeengebracht om de vreugde van de vader uit te vieren. Gouden ringen en gemeste kalven, muziek en dans en de mooiste lederen. Uitbundigheid troef.

 

Lees meer

Geschreven op 20 maart 2019

Zorg dat je niet valt!

Categorie: default

Als je geopereerd bent aan je knieën, krijg je als goede raad en waarschuwing mee: ‘Zorg vooral dat je niet valt, want dan…’ Wat er volgt wordt niet gezegd, maar je kunt het al raden, het ergste het eerste! Als we dus acht slaan op dergelijke goede raad betreffende een detail – want dat zijn knieën toch – hoeveel te meer zouden we dan gevolg moeten geven als het om het wezenlijke gaat, om onszelf ten diepste toe, onze relatie met elkaar en onze relatie met God?

Lees meer

Geschreven op 15 maart 2019

Dank Kardinaal Danneels

Categorie: default

Op 14 maart overleed kardinaal Godfried Danneels. Hij doofde zachtjes uit na een leven in dienst van de Heer en zijn Kerk. Veel is er geschreven over die lange periode dat hij aartsbisschop was van ons bisdom. Wij willen hier toch ook dankbaar denken aan zijn band met Onze-Lieve-Vrouw van Scherpenheuvel. Een hechte en trouwe band die hij liefdevol onderhield. Bij zijn eerste bezoek als aartsbisschop vertrouwde hij het aartsbisdom toe aan de bescherming van Onze-Lieve-Vrouw van Scherpenheuvel, zo schreef hij in het Gulden Boek van de basiliek. Hij kwam graag naar Scherpenheuvel op uitnodiging voor vieringen en conferenties, maar hij kwam ook vaak onaangekondigd, in stilte, alleen om te bidden. Ik herinner mij o.a. zijn inzet voor het evangelisatieproject ‘Brussel Allerheiligen 2006’. Een project dat hem dierbaar was en waaraan meer dan 100.000 mensen deelnamen. Voor het meerdaagse congres van start ging, kwam hij bidden in de basiliek. Toen het afgelopen was en alle medewerkers moe thuis bleven, kwam hij ’s morgens vroeg naar de basiliek om Onze-Lieve-Vrouw te danken!

Toen hij in juni 2008 zijn ontslag aanbood aan de paus, was er een persconferentie op het aartsbisdom. De massaal opgekomen journalisten vroegen naar het bilan van de voorbije dertig jaar. Heel veel was veranderd, veel was niet meer wat het geweest was, veel leek minder en hopeloos. Een journalist vroeg toen naar wat de kardinaal als hoopvol zag in onze kerk. Hij antwoordde: Scherpenheuvel!

Ja, een hechte band met Onze-Lieve-Vrouw. Iedere morgen en avond, hoe laat hij soms ook thuiskwam, ging hij naar de grot achter in de tuin om te bidden bij Maria. Daar moest altijd een noveenkaars branden van Scherpenheuvel. Toen hij verhuisde, moest er in zijn tuintje ook een Mariabeeld staan. Hij zette de traditie voort en als de noveenkaarsen op waren, kreeg ik een telefoontje dat ik moest komen leveren. Hij vroef ook telkens: ‘Doe de groeten aan Onze-Lieve-Vrouw’.

Een hechte band van kindsbeen af met Maria, de moeder van de Kerk in wie hij een rotsvast vertrouwen had. Talloze malen heeft hij gebeden zoals zovelen: ‘Heilige Maria, Moeder Gods, bid voor ons, arme zondaars, nu en in het uur van onze dood.’ Moge Maria hem liefdevol ontvangen en bij haar Zoon brengen. Daar bidden wij dankbaar voor.

 

Geschreven op 13 maart 2019

‘Het is goed dat wij hier zijn’

Categorie: default

Op de berg verschijnt Jezus als de verheerlijkte heer aan Petrus, Johannes en Jakobus. Dit drietal onder apostelen wordt door Jezus vaker in het evangelie uitverkoren om getuige te zijn van wonderen. Zij zijn de geprivilegieerde leerlingen voor wie een tipje van de sluier wordt opgelicht en die meer mogen (kunnen) zien dan de andere leerlingen.

Is het zo ook niet op onze dagen? Zijn wij, die de Heer ontmoeten in de vieringen van de eucharistie geen bevoorrechte leerlingen? Niet alleen omdat in onze parochies de eucharistie nog gevierd wordt, in tegenstelling tot op vele andere plaatsen, maar omdat wij er ook aan deelnemen? Het aanbod is er, maar gaan we op de uitnodiging in om de verheerlijkte Heer te ontmoeten in Woord en brood en in de gemeenschap van onze broeders en zusters?

Lees meer

Geschreven op 11 maart 2019

Uit de schaduw!

Categorie: default

p 19 maart vieren wij het hoogfeest van de heilige Jozef, bruidegom van de heilige Maagd Maria, zo klinkt de feestdag voluit. Sint-Jozef heeft dan wel een hoogfeest in de liturgische kalender, in de Schrift blijft hij in de schaduw staan van Maria. Sommige mensen ergeren zich daaraan en vinden dat Sint-Jozef meer eer verdient. Maar wat zou Sint-Jozef zelf verkiezen? Als verloofde van Maria blijft hij uit respect en waardering voor zijn geliefde op een afstand. Hij overweegt zelfs om helemaal afstand te nemen van haar. Het is de engel van de Heer die hem wijst op zijn taak in het heilsplan van God. Dat zal nog eens gebeuren na de geboorte van Jezus ,als Jozef in een droom door een engel gewaarschuwd wordt voor het gevaar dat uitgaat van koning Herodes. God geeft Jozef een heilzame plaats bij Maria en bij Jezus. Het is Jozef zelf die in de schaduw gaat staan: dichtbij dus, maar niet in de spotlights.

Zo is ook Sint-Jozef dicht bij de Kerk als haar patroon, niet als ‘moeder van de Kerk’, dat is Maria, maar als waker en dat heeft de Kerk nodig: bescheidenheid en nabijheid. Heilige Jozef, bid voor ons.