Vijfde zondag in de Veertigdagen

13 maart 2013

De lezingen van deze vijfde zondag in de Veertigdagentijd staan allen in het teken van een nieuw begin. Niet zomaar een nieuw begin, maar hét nieuwe begin waardoor het leven van mensen anders wordt. Allereerst moet het oude afgelegd worden, helemaal en radicaal want het resultaat van de mengeling van oud en nieuw wordt opnieuw oud. Denken we maar aan het beeld dat Jezus gebruikt van de nieuwe wijn in nieuwe zakken! De Heer schreeuwt het uit door de mond van de profeet Jesaja: ‘Denk niet meer aan het verleden en sla geen acht op wat reeds lang voorbij is: Ik onderneem iets nieuws, het begin is er al: ziet ge het niet?’ Neen, Heer, wij zien het niet, moeten we nederig bekennen. We kunnen het niet zien want we zijn zo gehecht aan wat voorbij is dat onze blik niet helder genoeg is om het nieuwe te zien, laat staan er ons aan over te geven. Het is nochtans de moeite waard om ons over te geven aan het nieuwe. In het evangelie zien we dat gebeuren wanneer Jezus de vrouw die op overspel betrapt is ontmoet. Haar lot volgens de wet en volgens de mensen om haar heen: stenigen tot de dood. De ontmoeting met Jezus betekent echter leven, nieuw leven, radicaal weg uit het zondige… ze wordt een volgeling van de Heer die haar niet veroordeelt, maar redt. Alles overhebben voor de Heer die ons redt, is wat Paulus in de tweede lezing doet. Hij heeft alles prijsgegeven voor Christus en het maakt hem vurig: ‘Ik vergeet wat achter me ligt, ik reik naar wat voor me ligt, ik storm af op het doel: de prijs van Gods heerlijke roeping.’ Dat is de mentaliteit, de spirit van de christen: de mens zonder achteruitkijkspiegels die – roekeloos misschien – vurig zich overgeeft aan het nieuwe dat God ons geeft en dat zoveel heerlijker is dan het oude.

Reageer

velden gemarkeerd met een sterretje zijn verplicht.

wordt niet getoond